Wijzigingen Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening

Ingevolge het Decreet houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw en energie dd. 18 december 2015 werden door het Vlaams Parlement een aantal wijzigingen doorgevoerd aan de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (hierna: VCRO). Dit Decreet werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 29 december 2015 en trad in werking op 8 januari 2016.

Hieronder worden een aantal belangrijke wijzigingen beknopt besproken:

1. wijziging bezwaarprocedure ruimtelijke uitvoeringsplannen en planologische attesten

Opmerkingen en bezwaren n.a.v. een openbaar onderzoek m.b.t. een vergunningsprocedure konden sinds het wijzigingsdecreet dd. 4 april 2014 reeds “schriftelijk of digitaal” worden ingediend. Een “beveiligde zending” – aangetekend schrijven of schrijven tegen ontvangstbewijs – was niet meer vereist.

Voor bezwaren in het kader van openbare onderzoeken m.b.t. ruimtelijke uitvoeringsplannen en planologische attesten was deze “beveiligde zending” wel nog vereist. De Vlaamse decreetgever heeft de inspraakprocedures thans op elkaar afgestemd. Ook bezwaren of opmerkingen tegen ruimtelijke uitvoeringsplannen en planologische attesten kunnen sinds 8 januari 2016 schriftelijk – per gewone post – of digitaal worden ingediend.

Een beveiligde zending is derhalve niet langer vereist. Al benadrukt de regelgever terecht dat het vesturen via beveiligde zending wel in het belang van de bezwaarindiener blijft voor o.a. het bewijs van de vaste datum van het bezwaar, zekerheid dat het bezwaar bij de ontvanger terechtkomt, etc.

2. vernieuwde procedure voor stedenbouwkundige meldingen

Voor bepaalde werken is geen stedenbouwkundige vergunning nodig, maar dient enkel een stedenbouwkundige melding gedaan te worden. Dit geldt bv. voor interne verbouwingswerken gepaard met stabiliteitswerken of de oprichting van bijgebouwen aan een woning met een maximale oppervlakte van 40 m² per perceel.

Ingevolge het wijzigingsdecreet dd. 18 december werd de procedure inzake stedenbouwkundige meldingen grondig vernieuwd. Het betreft onder meer volgende wijzigingen:

  • het College van Burgemeester en Schepenen dient na een melding zelf na te gaan of de handelingen al dan niet meldingsplichtig en niet verboden zijn.
  • n.a.v. de aktename van de melding kan het College voorwaarden opleggen aan de aanvrager. 
  • tegen de aktename van de melding kunnen belanghebbenden vernietigings- en of schorsingsberoep aantekenen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Opdat deze belanghebbenden kennis kunnen nemen van de aktename, dient de aanvrager voortaan de aktename van de melding gedurende een periode van 30 dagen aan te plakken.

3. bijkomende schorsingsgronden voor de vervaltermijn van een stedenbouwkundige vergunning

Overeenkomstig Art. 4.6.2., §1 VCRO vervalt een stedenbouwkundige vergunning van rechtswege in volgende gevallen:

  • de verwezenlijking van de stedenbouwkundige vergunning wordt niet binnen de twee jaar na de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg gestart;

  • de werken worden gedurende meer dan twee jaar onderbroken;

  • de vergunde gebouwen zijn niet winddicht binnen drie jaar na de aanvang van de werken.

Deze termijnen werden reeds geschorst door een hangende vernietigingsprocedure bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Het wijzigingsdecreet voert nog drie bijkomende schorsingsgronden in: schorsing gedurende de looptijd van een bekrachtigd stakingsbevel, de uitvoering van archeologische opgravingen en tijdens het uitvoeren van bodemsaneringswerken.

Auteur: Ilse Cuypers & Sarah Jacobs